Zo hou je kleding in topvorm 

  • WASSEN

    1. Was je kleding niet te vaak. Enkel kleding die echt vuil is, hoort in de wastrommel. Vervelende geurtjes kan je bijvoorbeeld bestrijden door je kleding te laten luchten. 
    2. Gebruik geen wasverzachter. Die is slecht voor het milieu en voor je huid. 
    3. Was je kleding binnenstebuiten en sluit ritsen, haken, knopen,... Fijne items en delicate stofjes was je het best in een waszakje.
    4. Stop je wasmachine niet te vol. Maar waak er ook over dat je geen wasmachine draait die nauwelijks gevuld is, tenzij je een aangepast wasprogramma gebruikt.
    5. Gebruik vloeibare wasmiddelen op plantaardige basis. Die zijn minder schadelijk voor het milieu omdat ze afbreekbaar zijn. Poeders kunnen vlekken achterlaten op je kleding.
    6. Was op een lage temperatuur. Meestal is 30° genoeg. Lees altijd de wasvoorschriften. Niks vervelender dan een trui die gekrompen is of een blouse die beschadigd raakt.
    7. Was lichte kleuren apart. Zeker witte kledingstukken hou je het best gescheiden van bonte was. 
  • DROGEN

    1. Gebruik geen droogkast, maar hang je vochtige kleding op een droogrekje. Veel beter voor het milieu, voor de levensduur van je kleding en voor je portemonnee!
    2. Knitwear droog je het best plat of liggend. Hang je truien dus niet op een droogrek, maar leg ze neer om te drogen. Dan blijven ze mooi in vorm. 
    3. Bij mooi weer zet je het droogrek buiten, maar plaats je rek niet in volle zon en hang je kleding binnenstebuiten. Zo worden de kleuren van je kleding niet valer door zonlicht.
  • STRIJKEN

    1. Strijk het liefst zo min mogelijk! Door je kleding mooi op te hangen bij het drogen, kan je heel wat strijkwerk vermijden.
    2. Zijn er toch vervelende plooien in de stof? Strijk dan op lage temperatuur en binnenstebuiten.
    3. Strijk nooit op prints, pailletten en applicaties!
  • IN JE KAST

    1. Kies voor kapstokken of kleerhangers met brede schouders. Die verdelen het gewicht van je kledingstuk beter. Zo raakt het minder snel uit vorm.
    2. Sluit de ritsen en knopen van de kleding die je ophangt.
    3. Geef elk kledingstuk in je kast voldoende ruimte. Prop dus niet alles bij elkaar. Fijne items of stofjes kunnen anders beschadigd worden.
    4. Knitwear hang je niet op, omdat het breiwerk anders uit vorm geraakt. Truien en cardigans kan je het best plooien en stapelen op een legplank.
  • HERSTEL

    1. Een gaatje in een blouse of een kapotte rits in een broek? Gooi beschadigde kledingstukken niet meteen weg, maar laat ze herstellen. 
    2. Ben je een paar kilo’s afgevallen? Gooi je volledige garderobe dan niet meteen weg. Maar laat bijvoorbeeld de tailleband van je broeken versmallen. 
    3. Wist je dat je bij Xandres terechtkan voor alle retouches en herstellingen aan je kleding? Ons eigen stikatelier in Destelbergen zorgt ervoor dat jij je kleding zo lang mogelijk kan koesteren.